Onze technologieën

WAGNER biedt als toonaangevende fabrikant een breed productassortiment met diverse apparaattechnologieën aan. Van robuuste plunjerpompen tot onderhoudsvriendelijke membraanpompen, lagedruk instapmodellen (HVLP/XVLP) of wormpompen voor het opbrengen van pleister. 

Afhankelijk van het materiaal en de toepassing zijn er ook verschillende spuitmethoden. Het materiaal wordt met veel of weinig druk door de spuittip geperst, zonder lucht of met luchtondersteuning verneveld en afhankelijk van de viscositeit in zeer fijne of iets grotere druppeltjes verdeeld.

Een overzicht van onze pompen

Membraanpompen

De materiaaltoevoer gebeurt door de slagbewegingen van het membraan. Apparaten met deze technologie zijn robuust en tegelijkertijd eenvoudig te bedienen apparaten voor op de werf of in de werkplaats. De pneumatische dubbelmembraanpompen zijn ideaal voor houtbewerkers en zorgen voor de beste oppervlakkwaliteit. Elektrisch aangedreven membraanpompen kunnen als Airless en als AirCoat-Spraypack worden gebruikt.

Plunjerpompen

Bij plunjerpompen gebeurt de materiaaltoevoer door slagbewegingen van de plunjer of zuiger. Dit biedt een hoog aanzuigvermogen, wat vooral bij hoogviskeuze materialen een voordeel is. Plunjerpompen die pneumatisch worden aangedreven, zijn explosiebeveiligd en geschikt voor gebruik in de werkplaats. Onze hydraulische plunjerpompen bieden een nog groter vermogen en kunnen ook met een benzinemotor worden aangedreven.

Dubbelmembraanpompen

De materiaaltoevoer verloopt via de slagbeweging van twee in tegengestelde richting lopende membranen. Hierdoor wordt er een zeer pulsatiearme materiaalstroom bereikt. Dit maakt ook de verwerking mogelijk van materialen die bijzonder vochtgevoelig zijn en voorgemengde 2K-materialen. WAGNER dubbelmembraanpompen zijn explosiebeveiligd en werken op perslucht en zijn hierdoor geschikt voor gebruik in de werkplaats.

Wormpompen

Bij wormpompen wordt het materiaal met behulp van de pompworm via de slang naar de spuitlans geleid. Dit gebeurt via de onderdelen rotor en stator. De rotor draait om het materiaal behoedzaam in de holle ruimtes van de stator te transporteren. Met deze technologie kunnen extreem zware materialen worden getransporteerd, zoals bij machineondersteund opbrengen van pleister waarbij het materiaal met een wormpomp via de slang naar de spuitlans wordt getransporteerd. Door toevoeging van perslucht aan de spuitlans wordt het zware materiaal verneveld en gelijkmatig aangebracht.

Turbines

Bij spuiten met lage druk (HVLP / XVLP) wordt er met een hoog luchtvolume (High Volume) en een lage luchtdruk (Low Pressure - tot 0,7 bar) gewerkt. De verstuivingslucht, die in de turbine is opgewekt, stroomt via een luchtslang in het verfreservoir van het spuitpistool en bouwt daar druk op. Vervolgens wordt het te spuiten materiaal via de stijgbuis naar de spuittip geleid en met de restlucht verneveld.

De XVLP-technologie (Extra Volume Low Pressure) is gebaseerd op de HVLP-technologie. Daarbij heeft de XVLP serie een groter verstuivingsvermogen door een 60% grotere luchthoeveelheid dan andere lagedrukapparaten. Daardoor kan een aanzienlijk groter materiaalspectrum worden afgedekt. Voordelen van de beide technologieën: De spuitstraal kan aan het object worden aangepast en de apparaten werken heel simpel.

Onze spuitmethode

Airless

Airless

Bij de Airless-verstuiving (zonder lucht) wordt het materiaal - anders dan bij luchtverstuiving - alleen via de materiaaldruk, dus zonder lucht, verneveld. Een elektrische pomp, pneumatische pomp of benzinepomp zet het materiaal onder druk en perst een gedefinieerde hoeveelheid materiaal met tot 25 MPa door een spuittipboring.
Daar wordt het materiaal in een spuitstraal verdeeld en fijn verneveld. Airless is vooral geschikt voor het aanbrengen van muurverf, maar deze methode wordt ook vaak bij het lakken op bouwwerven toegepast.

AirCoat

AirCoat

Bij de AirCoat-methode (Airless + lucht) wordt het materiaal met behulp van een zuiger- of membraanpomp met een relatief lage druk (3 - 12 MPa) door de spuittip geperst en wordt het door perslucht (0,05 - 0,25 MPa) bij het verstuivingsproces ondersteund. Dit wordt mogelijk gemaakt door de centrale, direct bij de spuittipboring aangebrachte luchttoevoer (luchtkap), die het spuitmedium als een mantel omsluit.

XVLP

XVLP

Deze nieuwe technologie dekt een veel groter bereik af dan de huidige HVLP-technologie en biedt iets extra's (X). De XVLP serie heeft een hogere verstuivingscapaciteit door een 60% grotere luchthoeveelheid en een 30% grotere vlakdekking dan andere lagedrukapparaten.
Met het WAGNER XVLP spuitsysteem (bestaande uit turbine en verschillende spuitopzetstukken) kunnen lazuren, standaardlakken, hoogviskeuze lakken en muurverf worden verwerkt in een kwaliteit die professionals overtuigt.

HVLP

HVLP

Bij spuiten met lage druk wordt er met een hoog luchtvolume en lage luchtdruk (tot 0,07 MPa) gewerkt. Het materiaal wordt net zoals bij de FineSpray-methode bij uittreden door de spuittip volledig met lucht verneveld. De lage materiaaldruk bij hoge luchtvolumes zorgt voor iets grotere materiaaldruppels en daarmee voor minder spuitnevel.

Vector Pistolen

Vector Pistolen

Bij de ontwikkeling van de nieuwe generatie Airless pistolen lag de nadruk op gebruikersvriendelijkheid en ergonomie. Het resultaat: drie nieuwe Vector pistoolmodellen die perfect zijn afgestemd op de behoeften van de gebruiker. De pistolen zijn zoals gebruikelijk robuust voor de zware omstandigheden op de bouwplaats.

TempSpray

TempSpray

De TempSpray-verwarmingssystemen worden verwarmd door een elektrische verwarmingsgeleider, die zich binnen in de slang direct in de verfstroom bevindt. Het materiaal wordt over de gehele lengte van de slang gelijkmatig verdeeld tot op de gewenste temperatuur (traploos regelbaar van 20° tot 60° C). Zo neemt de viscositeit af en kunt u het materiaal beter opbrengen. Alle TempSpray-apparaten kunnen aan WAGNER Airless apparaten worden aangepast. Het apparaat H 126 is bovendien verkrijgbaar als AirCoat-variant.